Categorie: Nieuws

  • Seret filmfestival zonder wit doek

    Seret filmfestival zonder wit doek

    Waren er de voorgaande jaren nog theaters bereid om films te vertonen van het Israëlische Seret filmfestival, en was er ook publiek geld beschikbaar, dit jaar is dat anders. Het festival verstopt zich in een synagoge en een sponsorend hotel.

    Voorheen is De Balie jaren de gewillige gastheer geweest voor het filmfestival, met als gevolg demonstraties voor de deur en ophef in de pers. In 2022 wezen we al op de hypocrisie van het razendsnel verbreken van de banden met Rusland na hun inval in de Oekraïne. Alleen is kennelijk de ene militaire bezetting minder erg dan de andere. Want Israël krijgt nog volop economische en militaire steun van Nederland en de EU.

    Seret is artwashing.

    Het Seret filmfestival wordt gesponsord door verschillende direct en indirect aan de Israëlische overheid verbonden instellingen: de Israëlische ambassade, het Israeli House (onderdeel van het Israëlische ministerie van Aliyah, het ministerie van immigratie), het Israëlische filmfonds en Masa Israel Journey van het Jewish Agency for Israel, de operatieve tak van de World Zionist Organization. Een andere sponsor, de Rabinovich Foundation, censureert kunstenaars zelfs door hen contractueel te verbieden Israëlische apartheid te benoemen, of de Nakba (de ‘ramp’, zoals Palestijnen hun verdrijving uit het Palestina van 1948 noemen).

    Israëlische events moeten uitwijken

    De acties hebben geholpen: sinds 2023 is Amsterdam gestopt met financieren, en vandaag de dag financiert Amstelveen ook niet. Het festival kan geen publieke plekken meer krijgen – andere Israëlische events in de stad moesten ook uitwijken, zoals het optreden van “cabaretier” Yohay Sponder die niet meer welkom was in Boom Chicago en toen een achterafzaaltje heeft gevonden in Amstelveen. Overal waar door Israël gesteunde artiesten optreden, of door Israël gesponsorde evenementen plaatsvinden, zullen ze protest tegenkomen. Iedere keer trekken we het laken weg en tonen we de hypocrisie en waar het echt om gaat.

  • Spotify Unwrapped

    Spotify Unwrapped

    De Palestijnse Campagne voor de Academische en Culturele Boycot van Israël (PACBI), een van de oprichters van de door Palestijnen geleide BDS-beweging, sluit zich aan bij de groeiende, spontane consumentenboycot van Spotify, ’s werelds grootste muziekstreamingdienst, die rechtstreeks profiteert van de uitbuiting van artiesten, systemen van massale deportatie, apartheid en genocide. 

    In oktober 2025 kregen Spotify-gebruikers racistische wervingsadvertenties te horen voor de Amerikaanse immigratie- en douanedienst (ICE), terwijl deze dienst doorgaat met het terroriseren van immigrantengemeenschappen en hun sympathisanten in het hele land. Hoewel de ICE-advertenties naar verluidt zijn verlopen, heeft Spotify geweigerd zijn beleid aan te passen en verdedigt het de advertenties als in overeenstemming met de bedrijfsnormen. 

    Later dat jaar zou Spotify advertenties hebben geplaatst voor de gevangenisdienst van het genocidale Israël, waarin gewapende eenheden werden geworven. Onder de directe leiding van de racistische, fanatieke Israëlische minister Itamar Ben-Gvir hebben Israëlische gevangenissen en detentiecentra het wijdverbreide en systematische gebruik van fysieke marteling, psychologische mishandeling, onmenselijke detentieomstandigheden en seksueel geweld tegen Palestijnse politieke gevangenen opgevoerd

    De medeplichtigheid van Spotify aan de Israëlische apartheid reikt veel verder dan de gebruikelijke levenscyclus van deze onethische en mogelijk illegale advertenties. Het bedrijf betrad de Israëlische markt met een meerjarige overeenkomst met Partner Communications Company Ltd, een Israëlisch telecommunicatiebedrijf dat is opgenomen in de database van de Verenigde Naties van bedrijven die betrokken zijn bij illegale Israëlische nederzettingen op bezet Palestijns grondgebied. Een dergelijke overeenkomst is in strijd met de uitspraak van het Internationaal Gerechtshof uit 2024 dat de gehele aanwezigheid van Israël in de bezette Palestijnse gebieden, inclusief Oost-Jeruzalem, illegaal is en neerkomt op apartheid. Het niet naleven van het internationaal recht door bedrijven kan volgens vooraanstaande juristen ook strafbare medeplichtigheid inhouden.

    Spotify behoort ook tot de toonaangevende platforms die propaganda van de Israëlische regering met genocidale inhoud hebben gehost, waaronder Mission Brief: The Official Podcast of the Israel Defense Forces.

    Daniel Ek, de oprichter van Spotify (en CEO tot december 2025), is voorzitter van het Duitse militaire AI-bedrijf Helsing en heeft zijn via Spotify vergaarde vermogen persoonlijk in het bedrijf geïnvesteerd, waardoor hij heeft bijgedragen aan het aantrekken van honderden miljoenen dollars voor de uitbreiding ervan. Ondanks de bewering van het bedrijf dat zijn technologie momenteel niet wordt gebruikt “in andere oorlogsgebieden dan Oekraïne”, heeft Helsing directe contracten met meerdere internationale wapenbedrijven die medeplichtig zijn aan het genocidale apartheids- en militaire bezettingsregime van Israël, waaronder Rheinmetall, Saab en Airbus. Airbus is betrokken bij de gemilitariseerde politietaken en bewaking van de grens tussen de VS en Mexico, en zijn dochteronderneming Airbus DS Airborne Solutions heeft een langdurig strategisch partnerschap met het staatsbedrijf Israel Aerospace Industries.

    Spotify staat in de muziekindustrie al lang bekend om zijn hongerlonen, gemanipuleerde algoritmen die naar verluidt grote platenlabels bevoordelen, en het feit dat de overgrote meerderheid van de nummers in zijn uitgebreide catalogus niet meer inkomsten oplevert. We erkennen dat niet alle artiesten in de positie zijn om hun muziek volledig van het platform te halen, gezien het bijna-monopolie dat Spotify heeft op cruciale statistieken die door de industrie in het algemeen worden gebruikt. Maar we verwelkomen degenen die zich terugtrekken van het platform, en we steunen de boycot door abonnees en roepen op om deze te intensiveren. We dringen er ook bij artiesten op aan om op zijn minst onze eisen te onderschrijven.

    Gezien de enorme rijkdom die de oprichter van Spotify uit de arbeid van muzikanten heeft gehaald en heeft geïnvesteerd in AI-oorlogsvoering die verband houdt met de genocide door Israël; Spotify die advertenties plaatst voor gemilitariseerde, racistische krachten in de VS en Israël; genocide en apartheid normaliseert; en artiesten gevangen houdt in een uitbuitingssysteem zonder eerlijke beloning, zijn de argumenten voor muziekliefhebbers om zich af te melden bij Spotify overtuigender dan ooit

    We roepen alle mensen met een geweten op om strategische druk uit te oefenen op Spotify, onder meer door hun Spotify-abonnement op te zeggen en hun Spotify-account te verwijderen, totdat het bedrijf:

    1. Stelt een intersectioneel ethisch beleid vast voor programmering, reclame, sponsoring en partnerschappen, dat het verbiedt om bedrijven, bureaus of diensten een platform te bieden waarvan aantoonbaar is dat zij medeplichtig zijn aan mensenrechtenschendingen, waaronder apartheid en genocide.
    2. Beëindigt alle zakelijke betrekkingen met Partner Communications en alle andere Israëlische bedrijven die medeplichtig zijn aan de apartheid, de illegale bezetting en de genocide door Israël. 

    Genocide, apartheid, uitbuiting en racistische deportaties horen nooit op de afspeellijst thuis.

  • LiveNation: artwashing van Israël’s gelivestreamde genocide

    LiveNation: artwashing van Israël’s gelivestreamde genocide

    Deze oproep komt van PACBI, de Palestijnse campagne voor een academische en culturele boycot van Israël. PACBI is een van de oprichters van de bredere BDS-beweging (Boycot, Desinvestering en Sancties). Dat is een geweldloze beweging, opgezet door de Palestijnse samenleving zelf, die druk wil zetten op Israël via boycots — net zoals in de jaren tachtig wereldwijd het apartheidsregime in Zuid-Afrika werd geboycot.

    Een paar begrippen die in deze tekst terugkomen:

    Culturele boycot. Het idee is simpel: artiesten wordt gevraagd om niet in Israël op te treden zolang de mensenrechten van Palestijnen worden geschonden, en om geen samenwerking aan te gaan met instellingen die daaraan meewerken. Dit is dezelfde aanpak die destijds tegen Zuid-Afrika werd gebruikt, toen veel artiesten weigerden om in Sun City te spelen.

    Artwashing. Dit betekent: kunst, muziek en grote shows gebruiken om een land een vrolijk, normaal en aantrekkelijk imago te geven, terwijl datzelfde land op dat moment ernstige misdaden begaat. De glamour van een concert leidt de aandacht af van wat er werkelijk gebeurt.

    PACBI roept op tot gerichte, strategische druk op Live Nation Entertainment — ’s werelds grootste organisator van concerten en festivals — totdat het bedrijf verantwoordelijkheid neemt voor wat PACBI zijn medeplichtigheid noemt aan de oorlog in Gaza.

    Voor Nederlandse lezers: Live Nation is hier geen ver-van-je-bed-show. In Nederland opereert het bedrijf onder de naam Mojo Concerts. Mojo organiseert onder andere Pinkpop, Lowlands, Down The Rabbit Hole, North Sea Jazz en Bospop, is eigenaar van zalen als de Ziggo Dome en AFAS Live, en bezit ook ticketverkoper Ticketmaster. De kans is dus groot dat je weleens een kaartje hebt gekocht voor een evenement dat uiteindelijk bij Live Nation uitkomt.

    Hoe Live Nation een dictatuur een mooi imago geeft

    Al meer dan tien jaar is Live Nation Israël een drijvende kracht achter internationale artiesten die in Israël komen optreden, en die daarmee de geweldloze oproep van de Palestijnse samenleving negeren om dat juist niet te doen. Live Nation Israël ontstond toen Live Nation een meerderheidsbelang nam in het Israëlische bedrijf Bluestone Entertainment.

    Onder de artiesten die er optraden zaten grote namen als Imagine Dragons, Christina Aguilera, de Backstreet Boys, Maroon 5 en Bon Jovi. Ze speelden vaak op plekken als Hayarkon Park en Live Park in Rishon LeZion — locaties die zijn gebouwd op de resten van Palestijnse dorpen waarvan de bewoners zijn verdreven.

    Recenter koos Live Nation Israël openlijk partij voor het Israëlische leger. Het bedrijf liet weten “achter de IDF-strijders en de veiligheidstroepen” te staan op het moment dat dat leger de eerste fase van de genocide in Gaza uitvoerde. De VN-onderzoekscommissie en de International Association of Genocide Scholars (de internationale vereniging van genocideonderzoekers) zijn de meest recente instanties die wat er in Gaza gebeurt als genocide bestempelen.

    Wie er nog meer bij betrokken is

    De geldstromen achter Live Nation lopen ver door. We houden het kort, maar de hoofdlijn is dit:

    • De grootste aandeelhouder van Live Nation is het Amerikaanse conglomeraat Liberty Media. Een investeringsfonds van Liberty steekt geld in Israëlische tech-, cyber- en telecombedrijven, sectoren met nauwe banden met het Israëlische leger en de inlichtingendiensten.
    • De twee grootste institutionele beleggers daarna zijn The Vanguard Group en BlackRock. Beide worden in een recent VN-rapport genoemd vanwege grote investeringen in bedrijven die meeprofiteren van de bezetting en de oorlog — denk aan Palantir, Lockheed Martin en Caterpillar. Diezelfde beleggers hebben overigens ook belangen in andere entertainmentbedrijven, zoals Netflix, Disney en bioscoopketen AMC.
    • Ook enkele bestuursleden van Live Nation hebben banden met de Israëlische politiek en industrie. Een recent toegevoegd bestuurslid is Richard Grenell, een nauwe adviseur van president Trump die geldt als uitgesproken voorstander van Israël. Andere bestuursleden hebben banden met Liberty Media of met Israëlische techbedrijven.

    De boodschap: het gaat niet om één losse misstap, maar om een web van financiële en bestuurlijke banden.

    Dit is groter dan één bedrijf

    Live Nation ligt al jaren onder vuur — van artiesten, fans én crew. En dat heeft niet alleen met Gaza te maken.

    Een (bijna-)monopolie. Toen Live Nation fuseerde met Ticketmaster, leidde dat zelfs tot een rechtszaak van het Amerikaanse ministerie van Justitie; veertig Amerikaanse staten beschuldigden het bedrijf van een illegaal monopolie. Later volgde een aparte zaak van de Amerikaanse mededingingsautoriteit over oneerlijke handel in tickets. Te midden van al die rechtszaken zou Live Nation een half miljoen dollar hebben gedoneerd aan de inauguratie van Trump.

    In Nederland herkenbaar: ook hier domineert Live Nation (via Mojo) de markt. Het bedrijf organiseert de grote festivals, bezit de grote zalen én Ticketmaster. Onafhankelijke organisatoren en kleinere festivals klagen al langer dat exclusiviteitscontracten het hun bijna onmogelijk maken om mee te concurreren. Fans morren over de hoge servicekosten van Ticketmaster en over “dynamische” prijzen, waarbij de ticketprijs stijgt naarmate de vraag toeneemt.

    Uitbuiting. Door zijn machtspositie kan Live Nation hard onderhandelen. In een uitgelekte memo gebruikte het bedrijf de coronapandemie als excuus om de vergoedingen van artiesten te verlagen en een fors deel van de merchandise-inkomsten af te romen. Muzikanten en crew zien hun lonen al jaren stilstaan of dalen, terwijl het bedrijf blijft verdienen aan duurdere tickets.

    Verschraling van het muzieklandschap. Critici stellen dat de dominantie van Live Nation lokale muziekscenes uitholt en alles op elkaar laat lijken. In de Amerikaanse stad Portland (Maine) wisten lokale organisatoren en muzikantenvakbonden samen de bouw van een nieuwe Live Nation-zaal tegen te houden. PACBI ziet zulke strijd als onderdeel van dezelfde bredere worsteling en steunt deze initiatieven.


    De eisen

    PACBI roept op tot strategische BDS-druk op Live Nation Entertainment totdat het bedrijf:

    1. stopt met Live Nation Israël, zijn Israëlische dochteronderneming;
    2. in zijn hele netwerk dezelfde ethische regels gaat hanteren voor wie het programmeert en met wie het samenwerkt;
    3. de richtlijnen en standpunten van PACBI en de BDS-beweging respecteert in zijn hele netwerk.

    Wat we vragen van zalen en festivals

    Festivals en zalen die bij Live Nation horen — of die door Live Nation worden gerund of geprogrammeerd — kunnen zich niet zomaar losmaken van het moederbedrijf. Ze hebben weinig invloed op de grote beslissingen. Maar juist daarom staan ze in een sterke positie om iets te veranderen, en hebben ze volgens PACBI ook de morele plicht om dat te doen.

    Daarom vragen we alle zalen en festivals die bij Live Nation horen om:

    • Live Nation publiekelijk op te roepen te stoppen met zijn Israëlische dochteronderneming;
    • zelf ethische regels in te voeren voor programmering en samenwerkingen, en de PACBI/BDS-richtlijnen te volgen — ongeacht wat het moederbedrijf beslist;
    • publiekelijk de medeplichtigheid van de investeerders van Live Nation te veroordelen.

    We blijven druk uitoefenen op deze festivals en zalen totdat ze aan al deze punten voldoen.

    Wat we vragen van artiesten, fans en personeel

    Artiesten: zet de festivals en zalen van Live Nation onder druk om bovenstaande eisen in te willigen.

    Fans, festivalgangers en publiek: help deze campagne groeien en draag de boodschap verder.

    Personeel en crew: we staan achter jullie. We hopen dat jullie binnen je eigen organisatie manieren vinden om deze eisen aan de orde te stellen.

    Het moment is nu

    Nu de oorlog in Gaza zijn derde jaar ingaat, is de urgentie groter dan ooit om medeplichtigheid aan onrecht overal aan te pakken — ook in de muziek- en evenementenwereld.

    En de beweging groeit, ook dicht bij huis:

    • Het Eurovisie Songfestival. Voor het eerst in 24 jaar deed Nederland in 2026 niet mee. De Nederlandse omroep AVROTROS trok zich terug omdat Israël door de EBU werd toegelaten, en wees daarbij op het humanitaire leed in Gaza, de aantasting van de persvrijheid en politieke inmenging. Ook Spanje, Ierland, Slovenië en IJsland bleven om dezelfde reden weg. Daarmee ontbrak een groot deel van de “Eurovisiefamilie” op het grootste live muziekevenement ter wereld.
    • No Music for Genocide. In deze campagne blokkeren inmiddels meer dan duizend artiesten en labels hun muziek voor streaming in Israël, onder wie grote namen als Björk, Paramore en Lorde.
    • Eerdere successen. Strategische BDS-druk werkt ook tegen Live Nation. Vorig jaar zorgden boycots van artiesten en fans ervoor dat de omstreden bank Barclays stopte met het sponsoren van Live Nation-festivals in Groot-Brittannië. En de afgelopen tien jaar zegden artiesten als Beyoncé en Shakira eerder aangekondigde shows in Israël af — concerten die door Bluestone/Live Nation Israël waren georganiseerd.

    Live Nation moet eindelijk verantwoordelijkheid nemen voor de schade die zijn jarenlange artwashing volgens PACBI heeft aangericht.

    Er mag geen podium zijn voor genocide of apartheid.


    Deze tekst is een Nederlandse bewerking van de oproep van PACBI (Palestinian Campaign for the Academic and Cultural Boycott of Israel) om druk te zetten op Live Nation. De feitelijke claims en het standpunt zijn die van de campagne zelf.

  • ZARA: aankleding van Apartheid en genocide

    ZARA: aankleding van Apartheid en genocide

    Het Palestijnse Nationale BDS-Comité (BNC), de breedste Palestijnse coalitie die de wereldwijde BDS-beweging aanvoert, spreekt officieel zijn steun uit voor de grassroots-campagne om ZARA te boycotten. Wij roepen mensen met een geweten over de hele wereld op om ZARA, het vlaggenschipmerk van de Spaanse multinational Inditex, te boycotten vanwege zijn diepgaande en toenemende medeplichtigheid aan het Israëlische regime van kolonialisme, apartheid en genocide.

    Begin 2025, terwijl Israël zijn genocidale aanval op de Palestijnen in Gaza voortzette, opende ZARA zijn grootste winkel ooit in Israël: een flagshipstore van 4.500 m² in het Big Fashion Glilot-complex bij Tel Aviv. Deze uitbreiding versterkt de economische banden van ZARA met Israël, waar het merk al tientallen winkels exploiteert. Dit gebeurt op een moment dat het genocidale regime van Israël massamoorden, gedwongen ontheemding en de vernietiging van het Palestijnse culturele leven pleegt, zonder daarvoor enige straf te ondergaan. De aanval van Israël op Gaza heeft tot nu toe naar schatting meer dan 80.000 Palestijnen het leven gekost en de gezondheids- en onderwijssystemen van de Gazastrook vernietigd, waardoor het sociale, culturele en economische weefsel is verwoest en opzettelijk levensomstandigheden in Gaza zijn gecreëerd die zijn berekend om de fysieke vernietiging van Palestijnen te bewerkstelligen. 

    De medeplichtigheid van ZARA aan het onderdrukkingsregime van Israël reikt nog veel verder. In oktober 2022 organiseerde Joey Schwebel, voorzitter van Trimera Brands, de Israëlische franchisenemer van ZARA, bij hem thuis een campagnebijeenkomst voor de extreemrechtse Israëlische minister Itamar Ben-Gvir. Ben-Gvir, die openlijk heeft opgeroepen tot de verdrijving van Palestijnen, het neerschieten van burgers en het weigeren van humanitaire hulp aan Gaza, werd aangehaald in de zaak van het Internationaal Gerechtshof, waarin werd vastgesteld dat Israël aannemelijk genocide pleegt. Na afloop van het evenement prees Ben-Gvir ZARA en twitterde: “ZARA, mooie kleding, mooie Israëli’s.” 

    In juni 2021 uitte Vanessa Perilman, destijds hoofdontwerpster bij ZARA Woman, in Instagram-berichten aan het adres van het Palestijnse model Qaher Harhash een racistische tirade tegen Palestijnen. ZARA reageerde met een zwakke openbare verklaring waarin het bedrijf afstand nam van de opmerkingen, maar ondernam geen concrete stappen en legde geen verantwoording af.

    In december 2023 lanceerde ZARA een aanstootgevende reclamecampagne met de titel „The Jacket“, waarin mannequins te zien waren die in witte lijkwaden waren gewikkeld naast verwoeste beelden – beelden die griezelig veel leken op de in lijkwaden gehulde Palestijnse lichamen die dagelijks te zien zijn in de live uitgezonden genocide van Israël in Gaza. Na internationale verontwaardiging verwijderde ZARA de advertentie en bracht het een holle ‘verontschuldiging’ uit, waarin het verklaarde ‘het misverstand te betreuren’, terwijl het niets deed om zijn diepe zakelijke banden met het Israëlische apartheidsregime aan te pakken.

    ZARA en Inditex hebben gezwegen over de vernietiging door Israël van de culturele sector in Gaza en het 4000 jaar oude culturele erfgoed. Ze hebben niets gezegd over de moord op Palestijnse mode- en textielfiguren, waaronder de moord door Israël op de beroemde ontwerpster Walaa al-Afranji, oprichtster van Fashion Room by Walaa, samen met haar echtgenoot in het vluchtelingenkamp Nuseirat in december 2024. Tegelijkertijd koos ZARA het Israëlische model Sun Mizrahi als boegbeeld voor haar wereldwijde campagne in 2024, waarmee het de misdaden van Israël witwast door het imago van het land te verheerlijken tijdens een genocide. In een reactie op de campagne van ZARA zei een woordvoerder van Mizrahi dat “[she] „is blij dat hij het Israëlische gezicht is waarmee ons land wereldwijd zo sterk wordt geassocieerd, vooral in tijden als deze.”

    De medeplichtigheid van Inditex aan mensenrechtenschendingen reikt verder dan Palestina. Het bedrijf is in verband gebracht met uitbuitende arbeidsomstandigheden in Brazilië en met beschuldigingen van schendingen van werknemersrechten in Myanmar, waardoor het bedrijf na een publieke drukcampagne gedwongen werd het land te verlaten. Deze gevallen maken deel uit van een breder patroon waarin Inditex nalaat de basisrechten in zijn wereldwijde toeleveringsketens te waarborgen.

    Zoals blijkt uit een juridische analyse van dr. Irene Pietropaoli voor SOMO en Al-Haq, kunnen leidinggevenden van bedrijven wereldwijd juridisch aansprakelijk worden gesteld voor medeplichtigheid aan de genocide door Israël op 2,3 miljoen Palestijnen in Gaza. Het rapport waarschuwt: “Bedrijven lopen ook het risico medeplichtig te zijn aan de schendingen van de Israëlische regering, zelfs als ze alleen maar hun bedrijfsactiviteiten in het land uitoefenen en bijdragen aan de bredere economie, bijvoorbeeld door belasting te betalen aan een regering die genocide pleegt. Stille of stilzwijgende medeplichtigheid, zoals hieronder beschreven, is duidelijk wanneer een bedrijf niet direct bijdraagt aan of profiteert van de genocide, maar zich ervan bewust is en er geen afstand van neemt – ervan uitgaande dat er nog steeds een nauwe band met de situatie bestaat, bijvoorbeeld een bedrijf dat zaken doet in Israël en belasting betaalt aan de Israëlische regering.” Leidinggevenden van ZARA en Inditex moeten hier rekening mee houden: voortzetting van activiteiten en partnerschappen in het apartheidsregime Israël kan niet alleen hun bedrijf kosten, maar ook juridische gevolgen hebben.

    Inditex is eigenaar van ZARA, Massimo Dutti, Pull & Bear, Bershka, Oysho, Stradivarius en ZARA Home. Hoewel al deze merken actief zijn in het apartheidsregime van Israël, is ZARA het bekendste en strategisch meest geprofileerde merk van Inditex, en staat het daarom centraal in de strategische BDS-boycotcampagne.

    De BDS-beweging roept werknemers, kunstenaars, studenten, vakbonden, mensenrechtenverdedigers en bewuste consumenten over de hele wereld op om ZARA te boycotten en druk uit te oefenen op Inditex om een einde te maken aan zijn medeplichtigheid aan de misdaden van Israël en zijn activiteiten in het apartheidsregime van Israël te staken.

    ZARA heeft ervoor gekozen om zich aan de kant van de genocide te scharen. Boycot ZARA totdat het bedrijf een einde maakt aan zijn medeplichtigheid aan misdaden. 

  • Coca-Cola: lest de dorst van Israël’s genocidale soldaten

    Coca-Cola: lest de dorst van Israël’s genocidale soldaten

    Het Palestijnse Nationaal BDS-Comité (BNC), de grootste Palestijnse coalitie die de wereldwijde BDS-beweging aanvoert, heeft zijn steun uitgesproken voor de grassroots- en organische #BoycottCoke-campagnes om druk uit te oefenen op het bedrijf om een einde te maken aan zijn medeplichtigheid aan de illegale bezetting, apartheid en genocide door Israël.

    Waarom?

    Omdat Coca-Cola betrokken is bij Israëlische oorlogsmisdaden.

    Volgens onderzoek van WhoProfits exploiteert de Central Beverage Company, beter bekend als Coca-Cola Israël, de exclusieve franchisenemer van de Coca-Cola Company in Israël, „een regionaal distributiecentrum en koelhuizen in de [Israeli] „Industriegebied van de nederzetting Atarot.” Bovendien produceert haar dochteronderneming, Tabor Winery, „wijnen van druiven afkomstig van wijngaarden op bezet gebied in nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever en de Syrische Golanhoogvlakte.” 

    Het Internationaal Gerechtshof heeft in juli 2024 bevestigd dat de volledige bezetting van Gaza en de Westelijke Jordaanoever, inclusief Oost-Jeruzalem, door Israël onwettig is, evenals alle Israëlische nederzettingen die op bezet gebied zijn gebouwd. Aangezien Israëlische nederzettingen – op bezet Palestijns en Syrisch grondgebied – volgens het internationaal recht als oorlogsmisdaden worden beschouwd, maakt Coke zich medeplichtig aan een oorlogsmisdaad. 

    Bedrijven die betrokken zijn bij het plegen van internationale misdrijven in verband met de onwettige bezetting, rassenscheiding en het apartheidsregime van Israël – zowel binnen als buiten de in 1967 bezette Palestijnse gebieden – zijn allemaal medeplichtig en moeten ter verantwoording worden geroepen. Directe medeplichtigheid omvat militaire, logistieke, inlichtingen-, financiële en infrastructurele steun. De bedrijven, evenals hun raden van bestuur en leidinggevenden, kunnen voor deze medeplichtigheid strafrechtelijk aansprakelijk worden gesteld.

    Overal ter wereld duiken lokale alternatieven op voor Coca-Cola, een overbodige en vervangbare drank

    Lokale alternatieven voor Coca-Cola winnen wereldwijd marktaandeel, onder meer in Palestina, China, Bangladesh, Zweden, Egypte, India, Zuid-Afrika, Turkije, Libanon en elders.

    Waarom nu?

    De BDS-beweging heeft Coca-Cola altijd al als een bedrijf beschouwd dat voor een boycot in aanmerking komt, maar heeft het op basis van haar zorgvuldige en strategische criteria voor het selecteren van doelwitten niet als prioriteit aangemerkt. Waarom zou men dan nu de boycot tegen Coca-Cola steunen? 

    Mensenrechten- en gezondheidsactivisten, en vele anderen, voeren al decennialang campagne tegen Coca-Cola en soortgelijke medeplichtige bedrijven, waaronder grassroots-acties die het bedrijf aan de kaak stellen vanwege zijn medeplichtigheid aan de grove schendingen van de mensenrechten van de Palestijnen door Israël. 

    Tijdens de aanhoudende, live gestreamde genocide door Israël zijn Israëlische soldaten vaak gefotografeerd met blikjes cola, die hen zijn geschonken door diverse groeperingen die deze genocide mogelijk maken. Dit heeft nog meer woede tegen het bedrijf opgewekt, vooral gezien het feit dat Israël 2,3 miljoen Palestijnen in de bezette en belegerde Gazastrook uithongert, hun toegang tot schoon water ernstig beperkt en daardoor de massale verspreiding van besmettelijke ziekten in de hand werkt. 

    Tegen deze achtergrond hebben Palestijnse activisten in Gaza en talrijke BDS-activisten in de Arabische wereld, in veel landen met een moslimmeerderheid en ook in sommige Europese landen, de BDS-beweging opgeroepen om Coca-Cola aan haar prioritaire doelwitten toe te voegen.

    De BDS-beweging had General Mills eerder al in het vizier genomen vanwege de productie van Pillsbury-producten in de illegale industriële zone van de nederzetting Atarot – dezelfde zone waar de Coca-Cola-fabriek actief is. Dankzij een effectieve BDS-campagne hebben we onze eis dat General Mills zijn activiteiten in Atarot beëindigt, kunnen afdwingen. We weten dat een campagne tegen Coca-Cola ook te winnen is. 

    Gezien al het bovenstaande, en gezien de aanzienlijke bijdrage van Coca-Cola (via zijn normale bedrijfsvoering en belastingafdrachten) aan de oorlogskas van Israël tijdens de genocide, heeft het Palestijnse Nationaal BDS-Comité (BNC) – de grootste Palestijnse coalitie die de wereldwijde BDS-beweging aanvoert – zijn steun uitgesproken voor de grassroots, organische #BoycottCoke-campagnes om druk uit te oefenen op het bedrijf om een einde te maken aan zijn medeplichtigheid aan de illegale bezetting, apartheid en genocide door Israël. 

  • McDonald’s Israël steunt de genocide in Gaza, terwijl McDonald’s Maleisië activisten voor solidariteit met Palestina intimideert

    McDonald’s Israël steunt de genocide in Gaza, terwijl McDonald’s Maleisië activisten voor solidariteit met Palestina intimideert

    Een McDonald’s-franchisenemer in Maleisië, eigendom van het Saoedische bedrijf Lionhorn Pte Ltd, heeft een SLAPP-rechtszaak – ook wel een ‘shock-and-awe’-rechtszaak genoemd – aangespannen tegen BDS Maleisië, een solidariteitsgroep die opkomt voor gerechtigheid en gelijkheid voor Palestijnen. De franchisenemer beschuldigt de groep van “laster” en eist een schadevergoeding van meer dan 1 miljoen dollar. De Israëlische McDonald’s-franchisenemer heeft de Israëlische bezettingsmacht gesteund met gratis McDonald’s-maaltijden tijdens de aanhoudende genocide op 2,3 miljoen Palestijnen in Gaza, wat het Palestijnse BDS National Committee (BNC), de grootste Palestijnse coalitie die de wereldwijde BDS-beweging leidt, ertoe heeft aangezet de organische, door de basis geleide wereldwijde boycotcampagnes tegen McDonald’s te steunen om een einde te maken aan de medeplichtigheid aan de misdaden van het apartheidsregime in Israël. 

    De Maleisische regering heeft haar krachtige steun uitgesproken voor de recente klacht die Zuid-Afrika bij het Internationaal Gerechtshof heeft ingediend tegen Israël wegens schending van het Genocideverdrag in Gaza, net als de Organisatie voor Islamitische Samenwerking (OIC). Tientallen VN-deskundigen hebben de humanitaire situatie in Gaza omschreven als "apocalyptisch" en gewaarschuwd voor een "genocide in wording", net als honderden internationale rechtsgeleerden, waaronder genocide-experts, en een hoge VN-mensenrechtenfunctionaris

    Op grond van de VN-richtlijnen inzake bedrijfsleven en mensenrechten kunnen moeder- en holdingmaatschappijen aansprakelijk worden gesteld voor het niet nakomen van hun zorgvuldigheidsplicht wanneer hun dochterondernemingen, franchisenemers of andere leveranciers binnen hun waardeketen betrokken zijn bij ernstige schendingen van de mensenrechten en het internationaal recht.

    Het handelen van een McDonald’s-franchisenemer kan niet los worden gezien van de wereldwijde activiteiten van het bedrijf. McDonald’s Corporation, met hoofdkantoor in Chicago (VS), is eigenaar van het merk McDonald’s en draagt de verantwoordelijkheid ervoor te zorgen dat haar franchisenemers zich niet schuldig maken aan gedragingen die de reputatie van McDonald’s schaden, waaronder elke associatie van het merk met ernstige schendingen van de mensenrechten. 

    Simpel gezegd: het koppelen van het merk McDonald’s aan het Israëlische leger en diens misdaden tegen het Palestijnse volk kan niet zonder gevolgen blijven voor het bedrijf!  

    Sinds het apartheidsregime in Israël bijna drie maanden geleden zijn genocide in Gaza lanceerde, zijn er wereldwijd spontane grassroots-campagnes ontstaan om bedrijven te boycotten die deze misdaad tegen de menselijkheid steunen. De campagne tegen McDonald’s is zo’n spontane actie die populair werd toen de Israëlische franchisenemer van het merk maaltijden en drankjes schonk aan Israëlisch militair personeel dat de genocide tegen Palestijnen in Gaza pleegt, en deze uiterst provocerende en racistische vorm van medeplichtigheid promootte op zijn sociale mediakanalen. De BDS-beweging, die deze campagne niet heeft gelanceerd, heeft deze wel gesteund en aangemoedigd

    McDonald’s Maleisië intimideert en zet nu BDS Maleisië onder druk – een organisatie die deze campagne overigens ook niet heeft opgezet – omdat de steun onder de bevolking voor een boycot van McDonald’s in Maleisië en overal elders toeneemt. In plaats van druk uit te oefenen op het moederbedrijf, McDonald’s Corporation, om de schandelijke franchiseovereenkomst in Israël te beëindigen, proberen McDonald’s Maleisië en de Saoedische eigenaar wanhopig de stemmen van vreedzame solidariteit met de Palestijnse bevrijdingsstrijd in Maleisië het zwijgen op te leggen. Dit kunnen we niet zomaar laten gebeuren. Laten we McDonald’s laten zien wat grassroots-boycots kunnen doen.

    Het BNC roept alle voorstanders van de Palestijnse rechten op om de wereldwijde boycot van McDonald’s op te voeren totdat het moederbedrijf:

    1. beëindigt zijn overeenkomst met zijn Israëlische franchisenemer vanwege diens steun aan de oorlogsmisdaden, misdaden tegen de menselijkheid en genocide door Israël; en
    2. De overeenkomst met de Maleisische franchisenemer beëindigt, tenzij deze zijn ongegronde rechtszaak tegen BDS Maleisië intrekt en zijn excuses aanbiedt voor het in diskrediet brengen van de groep en haar leiders.

  • DocP gaat de naam BDS Nederland voeren

    Om ook in Nederland BDS steviger op de kaart te kunnen zetten en de beweging te verbreden, kondigt docP met gepaste trots aan toestemming te hebben gekregen van het BDS National Committee (BNC) in Ramallah om voortaan de naam BDS Nederland te gebruiken samen met het bekende internationale logo.

    In 2005 hebben 171 maatschappelijke Palestijnse organisaties opgeroepen tot vreedzaam verzet tegen Israël. Een oproep tot boycot, desinvesteren en sancties (BDS) tegen Israël totdat het zijn verplichtingen ten aanzien van de Palestijnen, conform het internationaal recht, nakomt. De drie doelstellingen zijn:

    1. Het beëindigen van de bezetting (en het koloniseren) van het Arabisch gebied dat in juni 1967 bezet werd (VN Resolutie 242) en het afbreken van de muur;
    2. Het erkennen van de fundamentele rechten en de volledige gelijkwaardigheid van de Arabisch-Palestijnse inwoners van Israël (VN Verdrag tegen Apartheid);
    3. Het respecteren, beschermen en promoten van de rechten van Palestijnse vluchtelingen om terug te keren naar hun huizen en bezittingen (VN Resolutie 194).

    Om in Nederland de BDS-beweging te ondersteunen, en BDS-activiteiten te coördineren en faciliteren werd in 2012 de stichting DocP opgericht door het netwerk “Samenwerken voor Palestina”, bestaande uit Palestijnse en andere organisaties in Nederland die zich door middel van BDS inzetten voor de rechten van de Palestijnen. Het netwerk heet sindsdien de Raad van Aangeslotenen bij docP.

    Inmiddels is de BDS-beweging niet meer weg te denken uit het publieke debat. De beweging wint wereldwijd aan kracht en boekt talloze overwinningen. De BDS-beweging mag zich verheugen in een gestadig groeiende steun onder vredesactivisten, mensenrechtenverdedigers, antiracismebewegingen, vakbonden, studentenorganisaties, kerken, overheidsorganisaties en bedrijven. Daar waar de internationale gemeenschap het al 70 jaar laat afweten, neemt de burgergemeenschap het over.

    Ook in Nederland bestaat er brede steun voor de rechtmatige boodschap en de vreedzame methodes van de BDS-beweging, maar niet iedereen weet daarvoor het juiste platform en de juiste ingangen te vinden. Die willen wij graag bieden middels de naam en het logo van BDS Nederland.

    Dit betekent uiteraard niet dat wij pretenderen “de BDS beweging in Nederland” te “zijn”. Dat kan immers niet, want BDS is een beweging waar een ieder aan mee kan doen. Maar onder de naam en het logo van BDS Nederland wil de stichting docP zichtbaarder zijn als aanspreekpunt en vertegenwoordiger van de BDS campagne in Nederland. De stichting docP blijft bestaan, maar gebruikt voortaan voor zijn campagnes en in al zijn communicatie de naam “BDS Nederland”.

    Het apartheidsregime van Israël ziet in de mondiale BDS-beweging inmiddels een reële dreiging vanwege de brede steun, de vele successen, maar wellicht nog meer vanwege haar rechtmatige boodschap en haar vreedzame methodes. Deze week nog oordeelde het Europese Hof voor de Mensenrechten unaniem dat het oproepen tot boycot valt onder de vrijheid van meningsuiting. Er is het Israëlische regime dan ook alles aan gelegen om de beweging de mond te snoeren. Het is daarom des te belangrijker dat wij een stevig signaal afgeven: de BDS-beweging is een volledig legitieme beweging met brede steun van legitieme organisaties en instituties, ook in Nederland, die zal blijven bestaan zolang Israël weigert aan zijn verplichtingen volgens internationaal recht te voldoen.

    Bij deze roepen wij vredesactivisten en mensenrechtenactivisten in de breedste zin van het woord dan ook op de doelstellingen van de BDS-beweging te onderschrijven en zich bij BDS Nederlandaan te sluiten.

    Sta je achter de doelstellingen van BDS Nederland, en wil je de BDS campagne steunen? Meld je dan aan als vrijwilliger!

  • Veolia verlaat Israël

    Veolia verlaat Israël

    Veolia, van oudsher één van de belangrijkste doelwitten van de internationale BDS-beweging, heeft zich volledig uit Israël teruggetrokken. Dit betekent niet alleen een grote overwinning voor BDS, maar vooral een waarschuwing aan bedrijven die nog steeds betrokken zijn bij de kolonisering van Palestina: ‘Remember Veolia’. 

    De Franse multinational Veolia heeft zijn activiteiten in door Israël bezet Palestina volledig afgebouwd, en zich teruggetrokken van de Israëlische markt. Een passender cadeau voor de BDS-beweging, die deze zomer zijn tienjarige bestaan viert, is niet denkbaar.

    De strijd tegen Veolia

    Veolia is van oudsher een voornaam doelwit van internationale BDS-organisaties vanwege zijn verstrengeling met de Israëlische bezetting en kolonisering van Palestina. Het bedrijf was tot voor kort actief in zowel het openbaar vervoer als de afvalverwerking ten behoeve van de illegale Israëlische kolonies, en droeg daardoor bij aan schendingen van het internationaal recht en de mensenrechten.

    Om die reden werd Veolia bestreden in ieder land waar het actief was, of wilde worden. Die acties kostten het bedrijf ruim 18 miljard euro aan niet-verlengde en misgelopen contracten, en brachten Veolia ertoe zijn belangen in Israël af te bouwen. In september 2013 verkocht het zijn busdiensten, en in april 2015 zijn belangen in de afvalverwerking. Afgelopen week werden de laatste Israëlische belangen afgestoten in de vorm van Veolia’s aandeel in de Jerusalem Light Rail.

    Is de zaak daarmee afgedaan? Nee, bepaald niet. Het door Veolia gecreëerde monster leeft voort. Veolia laat een tastbare en zakelijke infrastructuur achter die in gebruik blijft ten bate van (onder andere) schendingen van het internationaal recht en de uitoefening van Apartheid. Het ligt voor de hand dat het bedrijf die infrastructuur ontmantelt. Bovendien zal Veolia de (im)materiële schade moeten vergoeden die het bedrijf door middel van zijn activiteiten heeft aangericht aan de Palestijnen.

    Welk vervolg de kwestie-Veolia krijgt is in eerste instantie aan de Palestijnen, en om die reden wacht DocP de reactie af van het BDS National Committee, die dezer dagen verwacht wordt. We zullen daar op deze site verslag van doen.

    Nederlandse campagne 

    Ook in Nederland is intensief campagne gevoerd tegen Veolia, de afgelopen jaren met name door de coalitie Burgers Tegen Veolia. In steden, regio’s en provincies werd op alle beschikbare manieren aangedrongen op het weren van Veolia, en hoewel niet overal succes werd geboekt, brokkelde het imago van Veolia steeds verder af. Zeker is dat de breed gedragen Nederlandse campagnes zullen hebben bijgedragen aan de inkeer van Veolia.

    DocP bedankt de coalitie Burgers Tegen Veolia, en alle anderen die zich de afgelopen jaren in Nederland hebben ingezet voor campagnes tegen dit bedrijf. Veolia is het bewijs dat bedrijven met vreedzame en legitieme middelen gedwongen kunnen worden zich aan het recht te houden, maar vooral dat betrokkenheid bij de Israëlische bezetting en kolonisatie van Palestina niet loont; het kost je je imago, en als je niet oppast je bedrijf.

    Laat dit een waarschuwing zijn voor bedrijven die deze stap nog niet hebben gezet. Remember Veolia.